NRC Handelsblad van 09-08-2002 Pagina 1 Voorpagina
Adoptiekinderen vaker onaangepast
Door onze redactie wetenschap
ROTTERDAM, 9 AUG. Adoptiekinderen
uit vooral Aziatische en Zuid-Amerikaanse landen die in westerse landen opgroeien,
hebben als jongvolwassene een grote kans op psychiatrische problemen en sociaal
onaangepast gedrag. Ze hebben driemaal zo vaak een psychiatrische ziekte en
plegen driemaal zo vaak zelfmoord als hun generatiegenoten die niet zijn geadopteerd.
Ze hebben ook een vijfmaal zo grote kans om drugsverslaafd te raken en begaan
anderhalf keer zo vaak een misdrijf.
Dit schrijven Zweedse onderzoekers van het Karolinska
Instituut in Stockholm in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift The Lancet
dat morgen verschijnt. Zij onderzochten het lot van álle in Zweden geadopteerde
kinderen die tussen 1970 en 1979 zijn geboren. Dat waren er 11.320, voornamelijk
afkomstig uit Korea, India en Colombia. De onderzoekers vergeleken hun lot
met dat van hun 2.343 in Zweden geboren broertjes en zusjes, van 4.006 immigrantenkinderen
en van 853.419 Zweedse kinderen die tussen 1970 en 1979 zijn geboren.
Het
is voor het eerst dat over het lot van adoptiekinderen op volwassen leeftijd
wordt gepubliceerd. De adoptie uit Aziatische en Zuid-Amerikaanse landen kwam
ook pas eind jaren zestig op gang. Ruim 1 procent van de na 1965 geboren Zweden
is een buitenlands adoptiekind.
Over
problemen van adoptiekinderen in hun kindertijd was al meer bekend. De Nederlandse
onderzoekers prof.dr. F.C. Verhulst (Erasmusuniversiteit Rotterdam) en prof.dr.
R.A.C. Hoksbergen (Universiteit Utrecht) vonden bijvoorbeeld driemaal zoveel
gedragsproblemen bij zevenjarige niet-blanke adoptiekinderen uit een ander
land en tweemaal zo veel zelfgerapporteerd afwijkend gedrag bij transnationale
adoptiekinderen in de puberleeftijd van 14 tot 18 jaar.
Een
verklaring voor de vele psychiatrische problemen van de transnationale adoptiekinderen
hebben de onderzoekers niet. Het kan zijn dat ondervoeding, al in de baarmoeder,
een rol speelt, waardoor de hersenontwikkeling niet optimaal is. Het kan zijn
dat genetische factoren een rol spelen, omdat ouders die zelf psychiatrisch
patiënt zijn eerder een kind voor adoptie afstaan. Het is ook mogelijk dat
geestelijke verwaarlozing en verblijf in een weeshuis, voorafgaand aan de
adoptie, de grootste problemen veroorzaken.
De
Zweedse onderzoekers vonden geen effect van hulpverlening in Zweden. Als de
adoptieouders contact met de hulpverlening hadden gezocht, verminderde dat
de kans op latere aandoeningen, criminaliteit en zelfmoord niet.